De fusie tussen het Academisch Medisch Centrum en het VU medisch centrum in Amsterdam heeft een interessante ‘bijwerking’ opgeleverd. Een splinternieuw onderzoekscentrum onder de naam Adore, waarin kanker- en neurowetenschappers met elkaar samenwerken. Hun doel: leren van elkaar om tot nieuwe en betaalbare behandelingen voor kanker en hersenziekten (zoals dementie en multiple sclerose) te komen. Prof. dr. Geert Kazemier, chirurg en initiatiefnemer, steekt zijn enthousiasme niet onder stoelen of banken.
Een van de gevolgen van de fusie tussen de twee academische medische centra in Amsterdam was de herverdeling van functies over de beide locaties. “In dat kader had ik een gesprek met emeritus hoogleraar Philip Scheltens over de consequenties van het besluit om de neurologie en oncologie en public health te concentreren op de locatie VUmc”, vertelt Geert Kazemier. “Daarbij zou het mooi zijn, concludeerden we, om tot meer samenwerking te komen tussen de twee onderzoeksdomeinen die zich bezighouden met klinische patiëntenzorg, oncologie en neurologie dus. Twee verschillende vakgebieden met een interessante overeenkomst: cellen. Bij de ziekte van Alzheimer verliest de patiënt cellen die je zou willen behouden en bij kanker is sprake van een celwoekering die je juist wil voorkomen.”
In de literatuur bleek al sprake te zijn van enige bewijsvoering voor het gegeven dat kanker minder vaak voorkomt bij mensen die de ziekte van Alzheimer krijgen. “Dun bewijs tot op heden, maar interessant genoeg om onderzoeksscholen uit te dagen om te kijken of er parallellen zijn. Dat idee gaf enthousiasme om de samenwerking tussen de twee disciplines inderdaad te intensiveren.”
Nieuwbouw nodig
Er kwam een gelukkig toeval bij vanuit de vastgoedpraktijk van VUmc. Het oncologiegebouw moest wijken voor verbreding van de A10 waaraan het was gelegen. “En omdat de professionals in de oncologie die voor de herverdeling in het AMC werkten naar het VUmc kwamen, was voor hen een groter gebouw nodig”, vertelt Kazemier. “Waarom dan niet meteen in dat nieuwe gebouw de onderzoeksgroepen bundelen?”
Precies dat gebeurde. Op 14 mei opende koningin Maxima het Research & Diagnostiek Centrum Adore, zoals het voluit heet. Een gebouw dat volledig is ingericht op samenwerking. Om korte lijnen te creëren, liggen de kantoorruimten direct aan de laboratoria. Er is een centraal binnenhof met een wenteltrap die de afdelingen verbindt. Naast de onderzoeksgroepen biedt het gebouw ook ruimte aan diagnostische laboratoria van humane genetica en pathologie. Om de samenwerking te bevorderen, zijn onderzoeksdirecteuren dr. Maarten Bijlsma (voor oncologie) en prof. dr. Guus Smit (voor neurologie) aangesteld.
Rationale
Er is een onderzoeksfonds opgezet om de komende tien jaar zeven tot tien miljoen euro per jaar op te halen. “Daarmee worden we in staat gesteld om het gezamenlijke onderzoek te doen om te achterhalen of wat wij denken ook klopt. Daarachter zit zeker een rationale. Kanker en dementie zijn allebei ziekten die vooral mensen op hogere leeftijd treffen. Daarnaast is er zoals ik al noemde het gegeven dat ze beide met de cellen te maken hebben en dat het zo lijkt te zijn dat bij dementie minder kanker optreedt. Een beetje circumstantial evidence dus, geef ik meteen toe, geen hard bewijs. Wel is er al meer onderzoek dat erop wijst dat er via de zenuwbanen een relatie is tussen de hersenen en een tumor. Die relatie wijst in de richting dat mensen die optimistisch in het leven staan bij kanker vaak een betere prognose hebben. Hierbij gaat het met name om het gebied in de hersenen dat gericht is op beloning, op je prettig voelen. Erg prematuur nog, maar het gaat ons wel helpen.”
Voor twaalf onderzoeken is al financiering gerealiseerd. Bijvoorbeeld voor onderzoek naar de vraag of veroudering van het immuunsysteem zowel bij kanker als bij dementie een rol speelt en of het kan worden gemanipuleerd. En onderzoek naar de vraag hoe mensen gezond kunnen blijven. “We hebben een uniek cohort van vijfhonderd 100-jarigen en hun kinderen. En waar mogelijk ook de partners van die kinderen, om vooral ook genetische verschillen tussen die twee groepen in kaart te kunnen brengen. Daar is altijd met een alzheimerblik naar gekeken, maar dat gaan we nu ook met een oncologische bril doen.”
Interesse ondernemers
Om die financiering te bemachtigen is wel wat uitleg vereist, stelt Kazemier. “We hebben in eerste instantie partijen benaderd die ook het Cancer Center Amsterdam al steunden”, vertelt hij, “veelal ondernemers. Die hebben we gevraagd of we een keer mochten langskomen en als dat mocht, heb ik er steeds eerlijk bij gezegd ‘Het zou best kunnen mislukken’. Die eerlijkheid, en het ondernemerschap, is wat hen aantrok en vertrouwen schonk. Sommigen van hen hebben echt substantiële bijdragen geleverd.”
Ook Kansen voor West, gericht op het bevorderen van de concurrentiekracht van West-Nederland, is succesvol aangesproken. Een derde bron was de gemeente Amsterdam. Een actie opgezet met de Vriendenloterij loopt nog. Daarnaast was er een grote NWO-subsidie. “We hadden zelf al achttien miljoen euro opgehaald, dat was een voorwaarde om die negen miljoen van NWO te krijgen. Al met al hebben we al 68 miljoen euro opgehaald. We streven naar honderd miljoen. In het volle besef dat er dan ook écht wel wat uit moet komen. Waarbij ik aanteken dat negatieve resultaten natuurlijk ook wetenschappelijke waarde hebben.”
Afweer manipuleren
Zelf is Kazemier primair geïnteresseerd in de vraag waarom bepaalde mensen gezond oud worden. Hij zegt: “Wat maakt dat ze geen kanker krijgen of die overleven, of dat ze geen alzheimer krijgen? Zit dat in de afweer – wat ik vermoed – en kun je dat manipuleren bij mensen van wie je weet dat ze een slechte afweer hebben? Wat drijft de biologische processen die gaan over de afweer?”
De samenwerking in Adore schept de ruimte voor kanker- en neurowetenschappers om hier gezamenlijk over na te denken. “We zitten eens per maand bij elkaar om te discussiëren over de richting die we aan onze onderzoeken moeten geven. Ook hebben we focusgroepen. De kern is dat iedereen niet alleen over zijn eigen onderzoek discussieert, maar ook over dat van anderen. Dat geeft ook meteen een enorme spin-off richting donateurs, want het dwingt je om je in eenvoudige woorden uit te drukken. Neem bijvoorbeeld de CRISPR-technologie, waarvoor veel interesse bestaat in kankeronderzoek. Wellicht is die ook voor alzheimeronderzoek interessant. We brengen mensen bij elkaar die elkaar nog nooit hebben gesproken. Ze zien elkaar gewoon bij de koffieautomaat.”
Uniek
Op dit moment bestaat nog nergens anders in de wereld een vergelijkbare onco-neurocampus met bijbehorende apparatuur, laboratoria en kantoren. Een heel concreet antwoord op de vraag waarom niet, kan Kazemier niet geven. “Maar ik denk dat in ieder geval het feit een rol speelt dat het onderzoek in Nederland van hoge kwaliteit is”, zegt hij, “en een hoge mate van effectiviteit kent. We komen niet om in het geld, dus we moeten slim zijn. Als er wel veel geld is, is er minder noodzaak om samen te werken. Dan kan elke onderzoeksgroep zijn eigen apparatuur aanschaffen. Soms is het echter juist leuker om apparatuur te moeten delen en te moeten kibbelen over de vraag wanneer je weer aan de beurt bent om die te mogen gebruiken. Want op het moment dat je daarover staat te kibbelen, ben je alweer in gesprek met elkaar. Dan gaat het vanzelf ook over de vraag waarvoor je die apparatuur wilt gebruiken, en dan sta je voor je het weet weer ideeën uit te wisselen.”
Drs. Frank van Wijck, wetenschapsjournalist
Oncologie Up-to-date 2025 vol 16 nummer 4