Kwetsbaarheid is een negatieve prognostische factor voor de uitkomsten na allogene hematopoëtische celtransplantatie, onafhankelijk van leeftijd en comorbiditeit. Dat blijkt uit een prospectieve studie van Spaanse en Canadese onderzoekers. De door hen ontwikkelde HCT Frailty Scale kan in tien minuten in de klinische praktijk worden toegepast met bestaande middelen. “Kwetsbaarheid zou bepaald moeten worden bij alle transplantatiekandidaten”, zei dr. Maria Salas (Barcelona, Spanje) tijdens het EHA2025 Congress.
Allogene hematopoëtische celtransplantatie (allo-HCT) is een potentieel curatieve behandeling voor patiënten met hoogrisico hematologische ziekten. De transplantatiegerelateerde mortaliteit is in de laatste decennia afgenomen, waardoor ook ouderen en patiënten met meer comorbiditeiten in aanmerking komen, vertelde Maria Salas. “De vraag is nu of we het proces om te bepalen wie in aanmerking komen verder moeten verfijnen, voorbij chronologische leeftijd en comorbiditeiten. De incidentie van kwetsbaarheid onder transplantatiekandidaten is 15-33%, en kwetsbaarheid wordt in verband gebracht met slechtere HCT-uitkomsten.”
HCT frailty scale
Voor het bepalen van kwetsbaarheid zijn tot nu toe verschillende methoden gebruikt die relatief veel tijd en middelen kosten en vaak pas vanaf een arbitrair bepaalde leeftijd worden ingezet. Daarom wilden Salas en collega’s een instrument ontwerpen om kwetsbare patiënten te identificeren voorafgaand aan transplantatie, dat in verschillende transplantatiecentra ingezet kan worden met bestaande middelen.
De HCT Frailty Scale (HCT-FS) werd ontwikkeld in het Princess Margaret Cancer Center in Toronto, Canada. Op basis van acht variabelen, waaronder klinische kwetsbaarheid en snelheid van opstaan, maar ook albumine- en CRP-concentraties, geeft dit instrument een score waarmee patiënten worden verdeeld in fit, pre-frail of frail.1 De HCT-FS werd vervolgens gevalideerd en geïmplementeerd in vijftien transplantatiecentra in Spanje, zonder externe financiering.
Prospectieve studie
In een prospectieve, observationele studie verzamelden Salas en collega’s de resultaten van in totaal 1.077 volwassen kandidaten die in het Princess Margaret Cancer Center of in Spanje tijdens de eerste consultatie voor allo-HCT beoordeeld werden met behulp van de HCT-FS.2 “De beoordeling werd gedaan door hematologen of verpleegkundigen in gemiddeld tien minuten, zonder extra afspraken”, meldde Salas. Een derde (33%) van de patiënten werd geclassificeerd als fit, 54% als pre-frail en 13% als frail. De mediane leeftijd was 56 jaar. “Kwetsbaarheid was niet gecorreleerd aan chronologische leeftijd. Kwetsbare patiënten hadden wel vaker een hogere comorbiditeitslast, slechte performancestatus en hoogrisicoziekte.”
Negatief effect op uitkomsten
Bij een mediane follow-up zagen de onderzoekers dat kwetsbare (frail) patiënten langer in het ziekenhuis lagen dan fitte of pre-frail patiënten (28 dagen versus 23 en 25 dagen; p=0,003) en op dag 180+ vaker waren opgenomen op de intensive care (20,3% versus 7,0% en 10,8%; p=0,002). “Frail en pre-frail patiënten hadden na twee jaar een slechtere algehele overleving dan fitte patiënten (OS; respectievelijk 62%, 73% en 82%; p<0,001) en hogere non-recidiefmortaliteit (NRM; respectievelijk 32%, 20% en 12%; p<0,001)”, vertelde Salas. De cumulatieve incidentie van recidieven was vergelijkbaar. Een multivariate analyse bevestigde kwetsbaarheid (frail of pre-frail) als een onafhankelijke prognostische factor.
In Spanje en Canada werden evenveel patiënten beoordeeld als frail, en de impact op de OS en NRM was vergelijkbaar. Het negatieve effect van kwetsbaarheid was zichtbaar in alle leeftijdsgroepen alsook in subgroepen met of zonder comorbiditeit. Salas: “Kwetsbaarheid zou geëvalueerd moeten worden bij alle patiënten, ongeacht leeftijd of comorbiditeit. De HCT-FS kan geïmplementeerd worden met bestaande middelen in verschillende gezondheidszorgsystemen.”
Referenties
1. HCT Frailty Scale - Calculator Tool. Te raadplegen via hctfrailtyscale.com/
2. Salas MQ, et al. Hemasphere 2025;9(S1): abstr LB4005.
Dr. Astrid Danen, wetenschapsjournalist