Uit klinisch onderzoek bleek dat longkankerscreening met een periodieke lage-dosis-CT-scan geassocieerd is met een verminderde longkankergerelateerde mortaliteit bij mensen met een verhoogd risico. In veel Europese landen, waaronder Nederland, loopt er echter nog geen nationaal screeningsprogramma, omdat er nog een aantal belangrijke open vragen zijn. Het doel van de 4-IN-THE-LUNG-RUN-studie is om op deze vragen antwoord te geven. Universitair hoofddocent dr. Carlijn van der Aalst (Erasmus MC, Rotterdam) en longarts dr. Marjolein Heuvelmans (Amsterdam UMC) vertellen over de opzet en eerste resultaten van de studie.
Omdat longkanker vaak lange tijd onopgemerkt blijft, heeft ongeveer de helft van de mensen reeds bij diagnose een gevorderd stadium van de ziekte. Hierdoor is de vijfjaarsoverleving slechts ongeveer 25%.1 Door landelijke screeningsprogramma’s zou longkanker eerder gedetecteerd kunnen worden en de prognose verbeteren.
Deze mogelijkheid werd onder andere onderzocht in de Amerikaanse National Lung Screening Trial (NLST). Uit de resultaten van die studie bleek dat screening met een drietal jaarlijkse lage-dosis-CT-scans vergeleken met drie thoraxfoto’s geassocieerd was met een 20% lagere sterfte aan longkanker bij ruim 53 duizend vrijwilligers met een hoog risico op longkanker.2
Vervolgens werd in de Nederlandse en Belgische, gerandomiseerde NELSON-studie onderzocht of volumescreening met lage-dosis-CT-scans vergeleken met geen screening geassocieerd was met een significante afname van de longkankergerelateerde sterfte bij 13.195 mannen (primaire analyse) en 2.594 vrouwen (subgroep) met een rookgeschiedenis. Na een follow-up van tien jaar waren in de screeningsgroep 156 mannen, bij wie longkanker was vastgesteld, aan longkanker overleden versus 206 mannen in de controlegroep.3 Dit vertaalde zich in een cumulatief sterftecijfer van respectievelijk 2,50 en 3,30 doden per 1.000 persoonsjaren, en een ratio van 0,76 (95% BI 0,61-0,94; p=0,01). Bij de vrouwen was deze ratio 0,67 (subgroepanalyse; 95% BI 0,38-1,14).
Projectaanvraag
Zowel de NLST als de NELSON-studie gaf meer duidelijkheid over de meerwaarde van longkankerscreening met lage-dosis-CT-scans, maar de resultaten riepen ook nieuwe vragen op. “Zo waren er bijvoorbeeld vragen over de selectie van mensen met een hoog risico; deze mensen kun je namelijk niet identificeren op basis van de gemeentelijke basisadministratie. Bovendien hebben mensen met een hoog risico op longkanker vaker een lagere sociaaleconomische status, en nemen deze mensen minder vaak deel aan klinische studies.
Daarnaast weten we dat een jaarlijkse screening met CT-scans geassocieerd is met een significant lagere longkankergerelateerde mortaliteit.2 Het jaarlijks screenen van een grote groep mensen voor een periode van twintig tot vijfentwintig jaar vergt echter veel van de gezondheidszorg. Tegelijkertijd weten we dat mensen met een negatieve eerste CT-scan een minder groot risico op longkanker hebben en vervolgens mogelijk ook één keer per twee jaar in plaats van jaarlijks gescreend zouden kunnen worden.4,5 Als dit inderdaad het geval is, zou dit een aanzienlijke lastenvermindering voor de zorg kunnen betekenen, en voor de deelnemer minder vaak een periode van onzekerheid of misschien onterechte verwijzingen (bij een fout-positieve scan).
Deze en andere vragen leidden tot het indienen van een aanvraag voor een Europese studie, de 4-IN-THE-LUNG-RUN-studie, naar longkankerscreening bij het HORIZON-programma van de Europese Unie”, vertelt Carlijn van der Aalst.
4-IN-THE-LUNG-RUN
Het primaire doel van de 4-IN-THE-LUNG-RUN-studie is om bij mensen met een hoog risico op longkanker te onderzoeken of de detectie van longkanker met tweejaarlijkse CT-scans niet inferieur is aan die met jaarlijkse CT-scans. “Als dit het geval blijkt te zijn, kunnen we longkanker in een vroeg stadium vaststellen en tegelijkertijd de belasting voor de patiënt en de zorg verminderen. Aan de studie doen mensen mee die tussen 60 en 79 jaar oud zijn, minimaal 35 pakjaren hebben gerookt en niet langer dan tien jaar geleden gestopt zijn met roken”, aldus Marjolein Heuvelmans. Van der Aalst vult aan: “Voor de inclusie maken we ook gebruik van een risicomodel dat het risico op longkanker inschat op basis van een groot aantal risicofactoren, waaronder niet alleen de leeftijd en rookgeschiedenis, maar bijvoorbeeld ook COPD en het voorkomen van longkanker in de familie. Vooral bij twijfelgevallen kan dit model uitsluitsel geven.”
Aan de studie nemen centra deel uit Nederland, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Italië en Spanje. Van der Aalst: “Een aantal van deze landen heeft op grond van pilotstudies al ervaring opgebouwd met longkankerscreening en in Engeland is al een screeningsprogramma gestart. Het delen van ervaring en kennis speelt dan ook een belangrijke rol in dit project. Het project loopt officieel tot het einde van dit jaar, maar omdat het project tijdens de coronapandemie van start is gegaan, zal het nog wat langer duren voordat de eindresultaten bekend zijn.”
Optimaal informeren
Van der Aalst vertelt dat ze in de 4-IN-THE-LUNG-RUN-studie ook wilden onderzoeken wat de beste manier is om potentiële deelnemers over de studie te informeren, met name omdat mensen met een hoog risico op longkanker vaak een wat lagere sociaaleconomische status en in veel gevallen verminderde gezondheidsvaardigheden hebben. “Ons primaire doel was om de mensen te informeren over het belang en de voor- en nadelen van longkankerscreening. Dit deden we door de informatie op drie manieren aan te bieden: op papier, via een standaard website en via een interactieve en uitgebreide website. Vervolgens werd van de deelnemers met een vragenlijst het kennisniveau bepaald en tijdens de screening hun gedrag beoordeeld. De resultaten lieten zien dat de mensen, ongeacht de methode van informeren, vrij goed in staat waren om een geïnformeerd besluit te nemen over het wel of niet deelnemen aan de screening.6 Mensen die de informatie via de website hadden gekregen scoorden het beste. Deze resultaten suggereren dat het aanbieden van informatie op maat, ook online, werkt.”
Kunstmatige intelligentie
In 4-IN-THE-LUNG-RUN worden gestandaardiseerde CT-scans gemaakt bij zeer grote aantallen deelnemers uit verschillende Europese landen. Heuvelmans: “Hierbij was een van onze vragen of de toepassing van kunstmatige intelligentie (AI) als aanvulling op de beoordeling door de radioloog kan leiden tot een vermindering van de werkbelasting van de radiologen.” Om dit te onderzoeken, werden 3.678 CT-scans onafhankelijk beoordeeld door een radioloog en een AI-algoritme.7 “Bij discrepanties tussen de beoordeling van de radioloog en het algoritme en bij voor longkanker verdachte afwijkingen werden de CT-scans in een centraal multidisciplinair overleg besproken. Uit de resultaten bleek dat het algoritme goed kon voorspellen of de longen vrij waren van longkanker”, aldus Heuvelmans.
“Ten slotte is het belangrijk om te vermelden dat de onlangs gepubliceerde European Code Against Cancer adviseert om longkankerscreening bij mensen met een hoog risico op longkanker te implementeren in het nationale zorgsysteem”, besluit Van der Aalst.8
Referenties
1. Stadiumverdeling bij diagnose en relatieve overleving bij longkanker in Nederland (NKR). Te raadplegen via nkr-cijfers.iknl.nl/viewer/incidentie-per-jaar?language=nl_NL&viewerId=3b55d752-ce1a-4809-89d9-8421febdb1f4
2. National Lung Screening Trial Research Team, et al. N Engl J Med 2011;365:395-409.
3. De Koning HJ, et al. N Engl J Med 2020;382:503-13.
4. Horeweg N, et al. Eur Respir J 2013;42:1659-67.
5. Patz EF Jr, et al. Lancet Oncol 2016;17:590-9.
6. Hubert J, et al. Lung Cancer 2025;207:108686.
7. Walstra AN, et al. Eur J Cancer 2025;216:115214.
8. The European Code Against Cancer, 5th edition (ECAC5). Te raadplegen via cancer-code-europe.iarc.who.int/
Dr. Robbert van der Voort, medical writer
Oncologie Up-to-date 2025 vol 16 nummer 6