Verkorte samenvatting van de productkenmerken RETSEVMO®

Naam en farmaceutische vorm: Retsevmo 40 mg harde capsules; Retsevmo 80 mg harde capsules. Samenstelling: Elke harde capsule bevat 40 mg selpercatinib resp. 80 mg selpercatinib. Farmacotherapeutische groep: oncolytica, proteïnekinaseremmers, ATC-code: L01EX22. Indicaties: Gevorderd RET-fusiepositief niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC) dat systemische therapie vereist na eerdere behandeling met immunotherapie en/of chemotherapie gebaseerd op platina. Gevorderd RET-fusiepositief schildkliercarcinoom dat systemische therapie vereist na eerdere behandeling met sorafenib en/of lenvatinib. Retsevmo is als monotherapie geïndiceerd voor de behandeling van volwassenen en adolescenten van 12 jaar en ouder met gevorderd RET-gemuteerd medullair schildkliercarcinoom (MTC) dat systemische therapie vereist na eerdere behandeling met cabozantinib en/of vandetanib. Dosering: Behandeling met Retsevmo moet worden gestart door en onder toezicht staan van een arts met ervaring in de oncologie. Voordat met de behandeling met Retsevmo wordt begonnen moet de aanwezigheid van een RET-genfusie (NSCLC en niet-medullair schildkliercarcinoom) of -mutatie (MTC) via een gevalideerde test worden bevestigd. De aanbevolen dosis Retsevmo, gebaseerd op het lichaamsgewicht, is bij minder dan 50 kg: 120 mg tweemaal daags; bij 50 kg of meer: 160 mg tweemaal daags. Als een patiënt braakt of een dosis mist, moet de patiënt worden geïnstrueerd om de volgende dosis op het volgende geplande moment in te nemen; er moet niet een extra dosis worden ingenomen. De behandeling moet worden voortgezet tot aan ziekteprogressie of niet-verdraagbare toxiciteit. De huidige dosis selpercatinib moet met 50% worden verminderd als tegelijkertijd een sterke CYP3A-remmer wordt toegediend. Als de CYP3A-remmer wordt gestopt moet de dosering selpercatinib worden verhoogd (na 3-5 keer de halfwaardetijd van de remmer) naar de dosis die werd genomen voordat met de remmer werd gestart. Om bepaalde bijwerkingen op te vangen, kan het nodig zijn de toediening te onderbreken en/of de dosis te verlagen. Voor doseringsadviezen bij achtereenvolgens verhoogd ALAT of ASAT, overgevoeligheid, verlenging QT-interval, hypertensie, hemorragische voorvallen, andere bijwerkingen: zie de vigerende versie van de samenvatting van de productkenmerken. Voor toepassing bij ouderen, patiënten met een nierfunctiestoornis, patiënten met een leverfunctiestoornis, pediatrische patiënten: zie de vigerende versie van de samenvatting van de productkenmerken. Wijze van toediening: retsevmo is voor oraal gebruik. Contra-indicaties: overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de hulpstoffen. Actieve infecties van klinische betekenis (bijv. actieve tuberculose). Waarschuwingen: ALAT en ASAT moeten worden gevolgd voordat met de therapie met selpercatinib wordt gestart, elke 2 weken gedurende de eerste 3 maanden van de behandeling, maandelijks gedurende de volgende 3 maanden, of anders zoals klinisch aangewezen. Gebaseerd op de mate van verhogingen van ALAT of ASAT kan aanpassing van de dosering van selpercatinib vereist zijn. De bloeddruk van de patiënt moet worden gecontroleerd voordat met de therapie met selpercatinib wordt gestart, gedurende de behandeling en behandeld met standaard antihypertensieve therapie, zoals benodigd. Gebaseerd op de mate van bloeddrukverhoging kan aanpassing van de dosering van selpercatinib vereist zijn. Er moet permanent met selpercatinib worden gestopt als medisch relevante hypertensie niet onder controle kan worden gebracht met antihypertensieve therapie. Selpercatinib met voorzichtigheid gebruiken bij patiënten met aandoeningen zoals congenitaal lang-QT-syndroom of verworven lang-QT-syndroom of andere klinische aandoeningen die predisponeren voor aritmieën. Patiënten moeten een QTcF-interval ≤ 470 ms hebben en serumelektrolyten binnen de normale bandbreedte voordat met de behandeling met selpercatinib wordt gestart. Het elektrocardiogram en serumelektrolyten moeten worden gevolgd bij alle patiënten na week 1 van de behandeling met selpercatinib, ten minste maandelijks gedurende de eerste 6 maanden of anders zoals klinisch aangewezen, waarbij de frequentie wordt bijgesteld op basis van risicofactoren als diarree, braken en/of misselijkheid. Hypokaliëmie, hypomagnesiëmie en hypocalciëmie moeten voordat met selpercatinib wordt gestart en gedurende de behandeling worden gecorrigeerd. Monitor het QT-interval met behulp van ECG’s frequenter bij patiënten die gelijktijdig een behandeling nodig hebben waarvan bekend is dat deze het QT-interval verlengt. Onderbreken of aanpassen van de dosering selpercatinib kan vereist zijn. Overgevoeligheid is gemeld bij patiënten die selpercatinib kregen, waarbij het merendeel van de waargenomen voorvallen optrad bij patiënten met NSCLC die eerder werden behandeld met anti-PD-1/PD-L1-immunotherapie. De klachten en verschijnselen van overgevoeligheid omvatten koorts, huiduitslag en gewrichts- of spierpijn met gelijktijdige daling van het aantal bloedplaatjes of verhoogde aminotransferasen. Stel de volgende dosis selpercatinib uit als overgevoeligheid optreedt en start met een behandeling met steroïden. Gebaseerd op de graad van de overgevoeligheidsreacties kan aanpassing van de dosering van selpercatinib vereist zijn. Er moet worden doorgegaan met steroïden totdat de beoogde dosering is bereikt, waarna deze kunnen worden afgebouwd. Er moet permanent met selpercatinib worden gestopt als de overgevoeligheid terugkomt. Ernstige hemorragische voorvallen, waaronder gevallen van fatale bloedingen, zijn gemeld bij patiënten die selpercatinib kregen. Er moet permanent met selpercatinib worden gestopt bij patiënten met een ernstige of levensbedreigende bloeding. Interacties: Het metabolisme van selpercatinib verloopt via CYP3A4. Hierdoor kunnen geneesmiddelen die de CYP3A4-enzymactiviteit beïnvloeden de farmacokinetiek van selpercatinib veranderen. Gelijktijdige toediening met gevoelige CYP2C8-substraten moet worden vermeden. Gelijktijdige toediening met gevoelige CYP3A4-substraten moet worden vermeden. Selpercatinib is in vitro een remmer van P-gp en BCRP. Voorzichtigheid moet in acht worden genomen als een P-gp-substraat (bijv. fexofenadine, dabigatranetexilaat, digoxine, colchicine, saxagliptine) wordt gebruikt. Zwangerschap en borstvoeding: Vrouwen in de vruchtbare leeftijd moeten tijdens de behandeling en tot en met ten minste 1 week na de laatste dosis selpercatinib zeer effectieve anticonceptie gebruiken. Mannen met een vrouwelijke partner in de vruchtbare leeftijd moeten tijdens de behandeling en tot en met ten minste 1 week na de laatste dosis selpercatinib effectieve anticonceptie gebruiken. Er zijn geen gegevens beschikbaar over het gebruik van selpercatinib bij zwangere vrouwen. Retsevmo wordt niet aanbevolen voor gebruik tijdens de zwangerschap en bij vrouwen die zwanger kunnen worden en geen anticonceptie toepassen. Het middel mag alleen tijdens de zwangerschap worden gebruikt als de potentiële voordelen opwegen tegen de potentiële risico’s voor de foetus. Borstvoeding moet worden gestaakt tijdens behandeling met Retsevmo en tot en met ten minste 1 week na de laatste dosis. Er zijn geen gegevens bij de mens beschikbaar over het effect van selpercatinib op de vruchtbaarheid. Zowel de man als de vrouw moeten vóór de behandeling advies inwinnen over het behoud van de vruchtbaarheid. Bijwerkingen: zeer vaak (≥ 1/10): verminderde eetlust, hoofdpijn, duizeligheid, elektrocardiogram QT verlengd, hypertensie, abdominale pijn, diarree, nausea, braken, constipatie, droge mond, rash, pyrexie, vermoeidheid, oedeem, ALAT verhoogd, ASAT verhoogd, plaatjes verlaagd, lymfocytentelling verlaagd, magnesium verlaagd, creatinine verhoogd, hemorragie; vaak (≥ 1/100, < 1/10): overgevoeligheid. Bewaring: Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities. Aflevering: U.R. Prijzen en vergoeding: zie Z-index (taxe). Meer informatie: zie de geregistreerde SPC-tekst. Raadpleeg vóór gebruik de bijsluitertekst. Informatie is op aanvraag verkrijgbaar bij Eli Lilly Nederland, Papendorpseweg 83, 3528 BJ Utrecht, telefoon 030-6025800. Datum: februari 2021.

Meest voorkomende bijwerkingen: zeer vaak (≥1/10)
verminderde eetlust, hoofdpijn, duizeligheid, elektrocardiogram QT verlengd, hypertensie, abdominale pijn, diarree, nausea, braken, constipatie, droge mond, rash, pyrexie, vermoeidheid, oedeem, ALAT verhoogd, ASAT verhoogd, plaatjes verlaagd, lymfocytentelling verlaagd, magnesium verlaagd, creatinine verhoogd, hemorragie

Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden.

Retsevmo logo PP-SE-NL-0082 Lilly logo